About my blog

FOCUS Centre on Educational Expertise at TU Delft opens a Teacher Lounge to share, inspire and exchange news on teaching trends, methodologies, best practices and, and ........

Posted in August 2012

Hoe ziet het online afstandsonderwijs bij Kaplan University eruit?

In het kader van de leergang Bestuur & Beleid is Willemine Biemond (IO) met twee TU collega’s Johan Verweij en Henk Suilen, op bezoek geweest bij Kaplan University in de VS (http://online.kaplanuniversity.edu/Pages/Homepage.aspx). Afgelopen vrijdag sprak ik haar over de opzet en organisatie van de volledig op afstand te volgen opleidingen die Kaplan University aanbiedt. Erg interessant, want de TU Delft heeft immidels ook een groot project lopen waar masteropleidingen worden omgezet naar een 100% op afstand te volgen variant.

Kaplan University is ooit begonnen als campus universiteit, maar inmiddels volgen verreweg de meeste studenten hun opleiding volledig op afstand. Kaplan richt zich op 2e kans studenten. Online opleidingen zijn iets goedkoper dan campusopleidingen. Een 100% afstandsopleiding vergt veel discipline van de student en wordt als zwaarder ervaren dan een campus opleiding. Studenten kunnen op bepaalde punten in het programma switchen tussen de online- of campus variant.

Om studiesucces te behalen zet Kaplan ernorm in op support. Op elke 20 studenten is 1 begeleidende docent. Op elke 3000 studenten zijn 12 studieadviseurs beschikbaar. Ook is er veel technische support, zodat zodra een student technische problemen ondervindt, deze meteen verholpen worden. Studenten worden nauwlettend gemonitored. Als een student 10 dagen achter elkaar niet online is geweest dan wordt hij/zij opgebeld. Bij meer dan 21 dagen geen online activiteit, dan wordt de student verwijderd uit de cursus.

De opzet van het onderwijs is ook sterk gericht op studenten bij de les houden. Studenten volgen twee vakken parallel gedurende een periode van 10 weken. Elke week heeft hetzelfde stramien. Elke week moeten studenten minimaal 1 bijdrage leveren aan het discussion board en elke week moeten ze iets inleveren. Een opleiding start met een proefperiode van 5 weken. Deze 5 weken zijn onderdeel van het curriculum, en tellen ook gewoon mee, maar is ook bedoeld als selectieinstrument. Studenten kunnen die 5 weken gebruiken om bij zichzelf na te gaan: "kan ik dit, gaat het me lukken qua tijd, vind ik het leuk", en besluiten alsnog met de online studie te stoppen. Ook de universiteit zelf stuurt na die eerste 5 weken ongeveer 20% van de studenten weg, omdat zij te weinig resultaten hebben geboekt. Daarnaast heeft Kaplan een heel hoog bindend studieadvies.

De vakken zijn zo veel mogelijk gestandaardiseerd. De content is opgedeeld in kleine brokjes. De rol van docenten zit vooral in de begeleiding van studenten, het geven van feedback, en het stimuleren van reflectie op het geleerde. De docenten wonen overal ter wereld. Docenten worden, naast inhoudelijke kennis van het vakgebied, ook nadrukkelijk geselecteerd op hun vaardigheden op het gebied van online interactie.

Kaplan University werkt niet met afsluitende tentamens. Alle toetsing en beoordeling gebeurt in de vorm van opdrachten en presentaties. Doordat er zo’n intensief contact is met studenten kunnen docenten vaak goed het niveau van studenten inschatten en valt het zeker op als een bepaalde student ineens een opdracht inlevert dat niet past bij het beeld dat de docent van die student heeft. Presentaties gebeuren synchroon, via webconferentie, of asynchroon. In dat laatste geval neemt de student z’n presentatie of mondelinge toelichting op een opdracht, op op video en stuurt deze in. Practica gebeuren ook volledig online, via virtuele labs, video’s en computersimulaties.

Willemine Biemond en haar collega’s zijn nu bezig de bevindingen van hun reis (naast Kaplan University hebben zij ook MIT bezocht) weer te geven in een rapport.

Sofia Dopper (projectleider Online & Distance Learning TU Delft)

Mijn rol als projectleider curriculumvernieuwing: 20 lessons Learned

 Mijn rol als projectleider curriculumvernieuwing: 

20 lessons learned

Toine Andernach

Projectorganisatie, actoren en hun rol

  1. zet een projectorganisatie op met een stuurgroep, ontwikkelteams, voorzitters van ontwikkelteams en projectondersteuning 
  2. zorg dat er in de stuurgroep mensen zitten die echt iets te zeggen hebben (decaan, directeur onderwijs, hoofd O&S) en die achter jou als projectleider staan
  3. zorg dat de stuurgroep besluiten neemt, de besluiten communiceert en zich er ook aan houdt
  4. kies voorzitters en leden van de ontwikkelteams zorgvuldig: betrokken sleutelfiguren als voorzitter (hoogleraren met affiniteit voor het curriculum) en enthousiaste, betrokken en productieve teamleden

    Projectleider

  5. zorg dat ‘t voor iedereen duidelijk is welke rol en taken je als projectleider hebt: bijvoorbeeld dat je discussiepunten en beslissingen over curriculuminhoud altijd doorspeelt naar de stuurgroep
  6. wees geïnteresseerd in het vakgebied van de opleiding: dat is wat docenten drijft.

    Doelen en randvoorwaarden

  7. zorg dat de uitgangspunten en doelen van de hele operatie voor alle betrokkenen duidelijk zijn
  8. kies een insteek op voldoende hoog abstractieniveau: begin niet direct op vak/moduleniveau, maar op het niveau van leerlijnen/ clusters/ thema’s/ scenario’s/ semesters
  9. geef de ontwikkelteams een ondubbelzinnige, concrete en uitvoerbare opdracht mee, inclusief de hulpmiddelen die het maken van die opdracht vergemakkelijken (formats, enz.)
  10. stel een kader met randvoorwaarden vast waarbinnen de ontwikkelteams hun opdracht moeten uitvoeren

    Ondersteuning

  11. zorg voor een enthousiaste en actieve ‘rechterhand’ (wel een docent) voor de voorzitters van de ontwikkelteams: ze stoppen er meer tijd in en zijn vaak resultaatgericht
  12. regel ondersteuning voor de projectleider: een goede secretaresse en student-assistent zijn goud waard
  13. maak gebruik van de kennis en ervaringen van onderwijsadviseurs, beleidsmedewerkers en medewerkers kwaliteitszorg van de faculteit

    Communicatie

  14. zorg dat je zichtbaar bent: bijvoorbeeld  een dag per week op een eigen werkplek in de faculteit en veel rondlopen
  15. leg vooraf data van stuurgroepvergaderingen, informatie- en discussiebijeenkomsten vast
  16. leg de tussenresultaten en eindresultaten vast (bijv. in een boekje) en stuur dat naar alle belanghebbenden
  17. wacht niet met bekend maken van resultaten tot je 100% tevreden bent: beter op tijd een 80%-stuk dan te laat een 100% stuk: iedereen kan op tijd meedenken en feedback kan worden meegenomen
  18. organiseer plenaire workshops met docenten waarin ze mee kunnen denken over de opzet en invulling van het curriculum
  19. informeer en betrek studenten en opleidingscommissie regelmatig en vraag ze om advies (bijv. tijdens hun vergaderingen)

    En tenslotte:

  20. wees alert op slippage: in alle fases van het project is het risico om terug te vallen (weg te glippen) in oude patronen erg groot. Maak resultaten en afspraken na iedere fase daarom expliciet!

 

© 2011 TU Delft